Bij vader op bezoek, deel 12 Hij is het!

20180909_163720

Lidy had haar man als vermist opgegeven en op dat moment ging het snel, met een dag kwam de bevestiging dat het ook om hem ging, de man die dood aan zee lag, was haar man……… De familierechercheurs gingen bij de families langs en er werden vragen gesteld en men greep in het duister. De oude vader bij wie hij voor zover ze nu konden natrekken voor het laatst op bezoek was geweest, werd op de hoogte gebracht, de oude man die zelf een nare ervaring achter de rug had omdat hij in het verzorgingstehuis uit bed was gevallen, schudde zacht het hoofd, onbegrip, verdriet, vooral ook omdat hij hem die laatste keer niet had kunnen vasthouden….nooit meer zou kunnen vasthouden…..

En op dit punt werd ik er bij geroepen, ik werk al zo een jaar of dertig op het Ministerie Van Onmogelijke Zaken en die wordt geacht dit op te lossen. Politie wekt vaak argwaan, denkt in tunnels, heeft ook eigen belang en ik heb wel verantwoording af te leggen, maar niet aan veel mensen, ik ben vrij in mijn doen en laten en leg verantwoording af bij, ach laat maar, je hoeft ook niet alles te weten. Ik vertel het je ook alleen maar zodat je later weet wat je moeder allemaal deed en waarom ze vaak zo vaak en lang van huis was.

Op weg naar Lidy, de vrouw van de dode man, had ik keihard de radio aan, ik ben dol op Italiaanse nummers, vooral hele oude, ik zing ze mee, ik galm ze mee, ik blèr in de bochten harder, maar had wel door dat een auto mij in de gaten hield, ik deed een test, en stopte even bij een plaats waar geen hond stopt, ik rommelde wat aan mijn kofferbak en ja, de auto die steeds ver achter me reed, stopte ook…………………………

 

Foto: Trudy Den Herder

Verhaal: Trudy Den Herder

Bij vader op bezoek, deel 11

hier met je wandelen

Aan een muur van het politiebureau op de kamer van moordzaken had men een wand vol gehangen met strandfoto’s met een dode man, met pijlen en vraagtekens, wie is de dode man? Aanknopingspunten, namen, tijden, maar men bleef maar zitten met allemaal losse eindjes. Ieder had zijn taak, Anna was gevraagd alle vermissingen na te gaan en Ton ging alle beelden na die of door mensen waren opgenomen met de mobiel of door camera’s uit de wijde omgeving. Alle ooggetuigenverklaringen werden nog eens doorgevlooid, wat zagen ze nou over het hoofd?

Lidy had besloten haar vriend toch als vermist op te geven, het duurde niet alleen erg lang, maar het was ook het nare gevoel dat ze kreeg en de kinderen die maar vroegen waar papa was.………..

Bij Tuintje op de camping werd gezocht en camper voor camper en tent voor tent ging men naar binnen en ondertussen lag er een oude man in het ziekenhuis die vroeg aan de dokter of zijn zoon gebeld kon worden, want die wist niet dat zijn vader in het ziekenhuis lag……

 

Verhaal: Trudy Den Herder

Foto: Trudy Den Herder

Bij vader op bezoek, deel 10 het ziekenhuis.

20180909_163350

Hij dagdroomde van de polders, de prachtige wolkenluchten, zijn eerst kus aan Antje de Vries, hij had haar meegenomen op zijn fiets, op de stang en hij zag dat fiere koppie genieten. De hooispriet in haar mond, juist tussen haar lippen wipte de spriet bij elk woord dat ze zei, bij elke lach, ze was om in te bijten, zijn hele lichaam wilde bijten en hij beet, maar niet te hard, niet te veel, hij wist dat Antje alles wilde, ze was ook overspoeld door de lust, maar hij hield het netjes, liefde en tact was belangrijker dan toegeven aan alles wat je voelt…. het had hem altijd op de been gehouden….. Ze hoefden ook niet te trouwen, daar was hij groos op geweest en hij had haar de ellende ook nooit aan willen doen, je was ten dode opgeschreven in die jaren als je als meisje zwanger werd buiten een huwelijk om. Zijn geduld werd meer dan beloond, een huwelijk van zestig jaar en als ze niet was overledenen waren ze nu nog getrouwd, Antje.

Zijn droom werd ruw verstoord, naast hem begon iets vreselijk te piepen en de kamer stond dadelijk vol met witte jassen….. Hij verbaasde zich er over, zo weinig zorg en aandacht in het verzorgingstehuis en hier in het ziekenhuis een overdaad en dat voor zo een oude kerel als hij……

Hij probeerde nog terug te halen wat vooraf ging aan zijn verblijf hier in het ziekenhuis. Het bezoek van zijn zoon, de stille zoon, de man die weinig zei, die nooit eens vroeg of gaf, maar wel overal zijn afkeuring over uitsprak. Zijn zoon gaf hem niet eens de tijd om even wakker te worden, het was ook zo heet en hij was suf geweest, vast te kort gedronken, hij was ook flink ziek geweest, hoge koorts en allerlei andere malaise. Hij had zijn zoon zo graag even willen vasthouden, even een hart onder de riem willen steken en zeggen, Ik houd van je jongen! Maar hij was zo weer weggeweest.

 

Verhaal: Trudy Den Herder

Foto: Trudy Den Herder Op de fiets naar Annemiek, de polder van de Wormer.

Bij vader op bezoek, deel 9 vragen, vragen en nog eens vragen…..

IMG_0642

Op het bureau van politie was het druk, gillend druk, de grote vraag was, wie was de dode man die bij de strandopgang naar de camping, aan zee was gevonden? De publiekswachtkamer zat vol met mensen van het strand die mogelijk iets hadden gezien, met mensen die meegevraagd waren en mensen die er niks mee te maken hadden, maar om iets anders waren gekomen. Het was drukkend warm, lawaaierig en er hing een nare spanning………..

En de nacht viel en op veel plaatsen was het onrustig, in het bejaardentehuis werd een bewoner op de grond gevonden en mogelijk had hij er al uren geleden en begon al met uitdrogen…….

En bij de dode man thuis, zat zijn vriendin Lidy ongerust te wachten…. zou hij een nieuwe liefde hebben gevonden? Dit was nacht twee dat hij niet thuis kwam, ze overwoog hem als vermist op te geven, maar twijfelde, wat nou als hij vreemd ging en morgen of overmorgen weer voor haar stond? Ze zou nog even wachten…….

Verhaal: Trudy Den Herder

Foto: Trudy Den Herder

Bij vader op bezoek deel 8 De onooglijke man.

 

IMG_0545

Het strand bij de opgang naar de camping werd pas na een dag vrijgegeven, publiek werd op afstand gehouden en de strandtenthouder die de mensen van de camping al jaren bediende, zag de zonovergoten dag veranderen in een dag met weinig omzet. Wat koffie en broodjes aan de mannen met microfoon en camera, wat wijn aan de mensen van de sterkte arm, maar het waren allemaal zuinige lui die nooit van een fooi hadden gehoord.

 

 

Bij Tuintje thuis was ruzie, de deuren klapten dicht, gescheld en geschreeuw en Tuintje verstopte zich op haar kamertje, deed een prinsessenjurk aan en tekende op een groot vel een bos met allemaal lieve diertjes………

 
Op het hoofdbureau van politie was men hard aan het werk om de identiteit van de man op het strand te achterhalen en het regelen van het DNA-onderzoek. Tuipstra een kleine, dikke en kalende man die door het vele kantoorwerk was scheefgegroeid als een oude boom naar het licht, keek loensend naar alle verzamelde gegevens, de jongere collegae keken van een afstandje naar wat hij deed, het was zo een eigenaardige man, onooglijk, maar wel de beste die er was, ze hadden hem hoog zitten, allemaal.

 
In het verzorgingstehuis was het zo heet, de oudjes leken wel kippen aan het spit, maar zo roken ze niet. Een oude man die op bed lag, probeerde te vergeefs bij zijn alarmbel te komen, de verzorgster had de bel niet in zijn had gegeven, en de bel lag nu op het nachtkastje, maar het kastje stond te ver. Met alle kracht probeerde hij naar de bel te reiken, maar die beste kerel verloor zijn evenwicht en viel met een harde klap op de grond, zijn oude botten waren te broos om te rammelen, ze vergruizelden tijdens de klap op de grond.

Foto: Trudy Den Herder
Verhaal: Trudy Den Herder

Bij vader op bezoek, deel 7 Sterrenstof.

IMG_0491

Zachtjes zong Tuintje een liedje, een zelfgemaakt liedje, over sterren en sterrengruis.

De hemelsblauwe gordijnen had moeder dicht gedaan om de kamer koel te houden, het bleef maar warm weer, te warm. Met de zon op de ruit, leek het gordijn op het heelal, de zon kwam door de minuscuul kleine gaatjes die de kat met zijn nagels had gemaakt en dat gaf een prachtig effect. Zou de man op het strand daar nu zweven? Zou hij een ster vinden om op te wonen, zou hij nog iets weten van de aarde?

In de keuken werd gefluisterd, er was iets gaande, dat begreep Tuintje ook wel, men verborg iets voor haar, altijd hielden grote mensen iets achter voor kinderen. Ze zou ook groot willen zijn en alles weten, niet weten voelt raar het gaf een onveilig gevoel. Die blikken die grote mensen wisselden, alsof ze het niet door had en het: kleine potjes hebben grote oren…….

De kat kwam bij haar zitten en ging op zijn rug liggen en vouwde zich helemaal open, rijp om geaaid te worden………..

De radio op de achtergrond zoemde dat de man die aan zee dood was gevonden omgekomen was door een misdrijf………Men vroeg ooggetuigen.

 

Verhaal: Trudy Den Herder

Foto: Trudy Den Herder Kruisbergstrand

Bij vader op bezoek, deel 6 Tuintje.

IMG_0622

Op een prachtige zomermorgen eind juli werd er een man op het strand gevonden, een goed doorvoede man, met kleding aan van kwaliteit, haren grijzend, schoenen om de middel gebonden…….

Tuintje, een lief meisje met een emmer en een schepje vond hem, juist daar waar de camping een weg door de duinen had naar zee, daar waar de houten vlonder begon, daar waar de zeeraket welig groeide.

Tuintje dacht eerst dat de man sliep. “papa, papa, er ligt hier een mijnheer!” Ze zakte door haar beentjes en ging op haar knietjes bij hem zitten, een moedertje in dop.

De vader van Tuintje vertelde niet dat de man al dood was. Hij had snel gehandeld, pols gevoeld en in de hals gezocht naar een teken van leven……  had daarna Tuintje op zijn arm genomen en het alarmnummer gebeld en was met Tuintje en emmer en schepje naar het strandpaviljoen gelopen, haar prijzend, ze had een mens gered…. Maar Tuintje wist wel beter, aan vader zijn reactie zag ze, dat het niet in orde was geweest, die man was gewoon morsdood.

 

Verhaal: Trudy Den Herder

Foto: Trudy den Herder Kruisbergstrand tussen Castricum en Heemskerk

Deel 1

Deel 2

Deel 3

Deel 4

Deel 5

Vrouw Hoedt deel 10, de wind.

groene kachelpijphoed

 

Vrouw  Hoedt deel 10

Iedereen had zijn eigen problemen en als je globaal keek, rook het in de straatjes naar vers brood en gemalen koffie en blonken de ruitjes en zagen de mensen er keurig uit…. maar achter de deuren, ja, achter die deuren……

De een sloeg zijn vrouw en vond dat hij dat recht had, want ze was stom geweest en de ander kneep de buurvrouw in haar fruitmand, de buurvrouw had daarna angst om naar buiten te gaan, zette zelfs de vullisemmer niet meer buiten. Sommige huisvrouwen waren aan de sherrykuur om af te vallen, maar helaas vielen ze niet af, maar vielen wel vaak om, ze waren te intens in hun kuur gedoken, maar het was ook zo verleidelijk, ze vergaten zo de ellende van de dag.  Ze schoven de rommel in en onder de kasten en als de man in de avond snakte naar zijn warme hap, dan lag de vrouw ziek op bed, ze had hoofdpijn, of buikpijn, of dacht zwanger te zijn, maar het was haar geheim dat het de bijwerking van de kuur was.

Maar op zondag zaten ze allemaal fris en flink in de Brillantine of Wella in de kerk en daar was het een broeinest van roddel en achterklap, zo vlak voor het altaar in de schoot van Onze Lieve Heer waren ze rechtschapen burgers maar na die mis, oei, oei!

Na de heilige mis liep de hele gemeente als een streep over het lange pad van de kerk om zo weer in het hart van de bewoonde wereld te komen en bij de kerk waaide het altijd harder dan op andere plekken, door het hoge gebouw met gekke hoeken, speelde de wind altijd met de kerkgangers. De vrouwen wisten dat, hun hoedjes zaten vastgeklemd met haarspelden en hun rokken waren tussen de knieën gekneld of werden vastgehouden, een witte onderbroek zien was schande en als de wind flink trok dan hielden ze de hand aan de hoed en de rok.

Achteraan liep ook vrouw Hoedt, ze had weer een prachtige kachelpijphoed op haar hoofd maar ze had ook haar handen vol, van mijnheer pastoor had ze de opbrengst van de collecte gekregen om de tienerdochter van Jans te helpen met een babyuitzet. Mijnheer pastoor had nooit geweten welk een mooi werk vrouw Hoedt al die jaren deed en had enorme schaamte gevoeld toen hij haar levensdoel had ontdekt, normaal roomde hij de opbrengst van de collectezak af en kocht er whisky voor, maar hij had zijn leven gebeterd en was een verbond aan gegaan met Hoedt, het dorp te redden.

De wind speelde met de sjaal van Dirkje en de sjaal stond als de staart van een kwade kater omhoog, maar nam ook de hoed van vrouw Hoedt en ze greep nog met haar handen naar de kachelpijp en het geld viel op de grond en de hoed waaide weg, heel hoog de bomen in en het muntgeld rinkelde tussen de kinderkopjes en daar stond ze in al haar naaktheid…….. de mensen wezen naar haar en gilden het uit van de pret….. “Kijk!” Riep een brutaal jongetje, “die heks is kaal”………………………………………………

 

Trudy Den Herder

De delen 1 t/m 10

Vrouw Hoedt deel 9 De bank wil geld zien……

20180923_135948

 

Vrouw Hoedt deel 9 De bank wil geld zien.

 

Mevrouw Harkema was elke dag de gulle gever dankbaar voor de tas met boodschappen, ze kon soep maken, brood bakken en elke avond een maaltijd op tafel zetten en soms zat er ook wat lekkers bij. Alleen al de idee dat er iemand aan haar dacht……… haar man had ze niets verteld van die tas, hij was zo trots, maar wilde ondertussen wel elke avond de dagopbrengst van de winkel naar het casino brengen. Mevrouw Harkema was te laat begonnen met geld apart leggen, haar man kende geen maat, ging uit van het principe dat hij op een dag een grote slag zou slaan en dan waren alle problemen verdwenen.

Nou die slag was er, maar dan andersom, als ze de bank niet snel een enorm bedrag betaalden was alles van de bank…..mevrouw Harkema had de nekslagbrief onderschept en niks tegen haar man gezegd, hij zou haar vast gaan slaan en tegen haar gaan schelden, nee, ze moest nu doen wat de boodschappentasbriefschrijver had gevraagd.

Die avond zette ze de  tas in de bosjes met een zeiltje er over met een brief er in, dat de bank geld moest hebben, wat ze nu nog kon doen om de zaak te redden, tevens bedankte ze weer de gulle gever. Ze had al eens warme sokken gebreid en mutsen en soms dacht ze dat ze er mensen mee op straat zag, maar ze moest zich wel vergissen, want die mensen noemde haar man uitschot en die hadden zeker geen geld om haar te helpen zoals ze elke week werd gedaan.

Teun Vet was de man die elke week heel voorzichtig en ongezien de tas in de tuin zette bij Harkema, hij kende het klappen van de zweep, hij had elke week een hele wijk, hij had zijn kar met vintage spullen als camouflage altijd bij zich en daar stonden gevulde tassen in.

Bij Harkema, trof hij de brief, die moest dadelijk naar Hoedt. Ondertussen had Hoedt het druk met het optekenen van de levenswandel van haar grote hulp, ze had vaak het kippenvel op haar armen, wat had die beste man een vreselijk leven gehad.

 

Trudy.

Deel 1 t/m 4

Deel 5

Deel 6

Deel 7

Deel 8

Vrouw Hoedt deel 8 ziekenzorg….

groene kachelpijphoed

Vrouw Hoedt deel 9 Ziekenzorg……

 

“Kijk, daar gaat die bezemsteel weer!” Jan Krankarm stond voor zijn raam op de eerste etage boven zijn fietsenzaak, hij maande zijn vrouw snel te komen kijken, maar zijn vrouw had er geen zin in, waarom toch altijd al die hilariteit om die vrouw? Haar hoedjes? Ja, niet gebruikelijk in deze contreien, maar was het niet enig, die hoedjes stonden haar geweldig en welke vrouw watertandde niet bij een kast  vol kleding en schoenen in alle kleuren van de regenboog?

Jan, keek op de klok en nam de trap naar beneden, nam niet eens iets mee naar de keuken. ( Zijn moeder had hem geleerd, nooit met lege handen van tafel gaan ) Nee, de vrouw was er voor het huishouden, maar de sukkel vergat dat zijn vrouw naast het huishouden net zo hard meewerkte in de zaak, als geen ander plakte ze banden, adviseerde ze bij nieuwe fietsaankopen en maakte ook beneden schoon en deed de hele administratie. Ja, ze kwam elke ochtend een kwartiertje later, dan deed ze snel de vaat, dan haalde ze snel nog vers brood voor in de middag, ach, haar taak was bijna dubbel zo zwaar.

Vrouw Hoedt was op weg naar de Achtersteeg 11, daar lag een vrouw met drie kinderen doodziek op bed, ze had een brood mee, wat kaas, koffie en waspoeder. Ze had het gehoord van haar eigen “klantjes”. De garen-en bandman had er vrouwen over horen praten, het ging als een lopend vuurtje, maar niemand scheen hulp te bieden.

Bij de voordeur hoorde ze het huilen van kinderen, rook ze al een nare geur…. hier moest snel hulp komen. Een schuw geschrokken meisje van ongeveer vier jaar deed open en Hoedt stormde naar binnen, met jas, kachelpijphoed en al en werd getroffen door een triest plaatje. Op de bank lag een uitgemergelde vrouw, met allemaal huilende kindjes om haar heen en de hond waakte over hen.

Hoedt probeerde haar boosheid te verbergen, hoe was het toch mogelijk, het was het praatje op de straat en niemand had een hand uitgestoken. Bij de buren belde ze de dokter en ondertussen sneed ze voor de kinderen wat brood met kaas, voor de jongste maakte ze een flesje. Zou ze nog op tijd zijn, deze vrouw was ernstig ziek.

 

Trudy. Foto van internet.

Deel 1 t/m 4

Deel 5

Deel 6

Deel 7

In liefde geschreven voor al die handelen en niet toekijken.