Mijn dorp…..

Geur, kleur, de weemoed

Kapotte knie op het kiezelpad

In een teil bij mama in het gras

Plaatjes knippen uit een modeboek

Op Koninginnedag met versierde fiets

Naar het park en kijken naar de pauwen

Het dorp heeft na mijn bijna 62 jaar

Nog veel oude ankerpunten

Dat voelt goed

Het verval zit hem in mij

Maar ook dat maakt me blij

Ouderdom gedragen met trots

Maakt een mens tot een rots.

Trudy. ( helaas worden veel mensen niet zo oud en die heb ik in mijn gedachten )

Doorkijkje, gemaakt op een zondag in de herfst door Trudy.

Krommenie…..

Het dorp ligt al weken deels open, ze graven, ze slopen, ze soppen en stoppen het weer toe. Elke keer ergens anders, straks komen ze ook bij mijn huisje.

Open straten.

Het is bijzonder om het elke keer te bekijken en als ik dan zo rondwandel in mijn dorp, komen altijd zoete verhalen in de hersenpan boven drijven.

De kerk.

De katholieken kerk.

Op zondag en soms op zaterdagavond, gingen mijn vader en moeder en broertje naar de kerk, ik mocht mee aan de hand van papa. De kerk was niet heel erg oud, maar ik koester er toch mooie herinneringen. Mijn vader die opgevoed was zonder geloof, werd om met mijn moeder te mogen trouwen katholiek en dat vond hij zo geweldig, hij leerde Latijn, leerde de kerkelijke liederen en was nog roomser dan de Paus en omdat mijn vader een heel helder verstand had en heel goed dingen kon onthouden en een geweldige verteller was, werd hij al snel ontdekt in de kerk, hij zou een bijzondere taak krijgen in de kerk, voorlezen, voordragen enz. Weken stond het huis bol van deze eer. En na een training van enkele weken was het dan op zondag zo ver dat mijn vader in de Hoogmis, zijn nieuwe taak mocht vervullen. Als vierjarige zat ik trots op het puntje van mijn stoel, mijn papa, mijn held.

Gehakkel, geproest en een lange ongemakkelijke stilte…… mijn vader was zo zenuwachtig geworden, het lukte hem niet. Oh, wat had ik te doen met mijn lieve vader, ik had het haarscherp in de gaten, na de climax de anticlimax. Als een natte hond droop hij af…… en er werd met geen woord meer over gerept, nooit.

Het klooster.

Als ik thuis niet wilde eten, dan wees mijn moeder me altijd op de kindertjes in verre landen, die maar wat blij zouden zijn met zo een bordje eten. En dat begreep ik wel, want die kindertjes hadden honger en ik toevallig niet. Ik had er als peuter zelfs maanden voor in het ziekenhuis gelegen, ik had nooit honger. Nu begrijp ik wel waarom, ik was altijd stikbenauwd en dan wil je niet eten.

Maar tegen wil en dank groeide ik toch, al was ik een dun latje, ooit begonnen als een mollige baby. Op dagen dat ik me wat beter voelde was ik graag buiten. Op zo een dag, dacht ik ineens weer aan die kinderen die honger hadden en met mijn vriendinnetjes zijn we toen geld op gaan halen voor kindertjes die honger hadden. Wat waren we trots dat we iets konden doen, want mijn bord eten opsturen was geen optie.

Maar hoe kwam het geld nou bij de arme kinderen? Gelukkig hadden we een maal per jaar op school een zuster van de Missie, een zuster in een soort pinguïnpak, mijn moeder vertelde me, dat het een non was en dat ze arme kinderen hielp in verre landen.

Bij de kerk stond een gebouw en daar zag ik vaak van die pinguïns lopen, ik had bedacht dat die ook van de Missie moesten zijn, dat die bij de arme kinderen kwamen, dus we hebben bij het klooster aangebeld en hebben het geld aan de pinguïns gegeven.

Mijn vader las enkele weken later een berichtje voor uit het kerkelijke blaadje dat kleine meisjes geld hadden opgehaald voor de arme kinderen en dat de nonnen dit een prachtig gebaar hadden vonden.

Het klooster

De boom met kabouterschoenen.

Bij de kerk staat een boom met winterblaadjes en ik dacht tijdens het wandelen aan de vertelkunst van mijn vader. Omdat mijn beentjes nog zo kort waren, zat ik vaak op zijn nek, dat hield hij uren vol, ik was gelukkig zo licht als een veertje. In het herfstpark wees hij me op de schoonheid van de bomen en hun blaadjes. Bij de boom met vuurrode blaadjes hielden we stil. “Kijk lieverd, hier groeien kabouterschoentjes, in de nacht als er blaadjes vallen, komt er een hoofdkabouter met een mandje de blaadjes rapen en nog voor het ochtend is, zijn er prachtige glimmende kabouterschoentjes van gemaakt……..”

Nu zie ik in elke boom toekomstige schoenen, ik wil wel zilveren, met een mooie punt van voren en een klein hakje. Voel me weer dat kind op de nek van mijn vader, voel hoe hij me stevig bij de beentjes hield.

Dag lieve papa wat heb je me een geweldig mooi leven gegeven, dankbaar dat ik jouw verhalen mocht horen, jouw aanstekelige levensvlammetje zag, ik heb het in mijn hart gestopt.

Je dochter Trudy.

Braakdijk, het Kalf…..

Op het moment dat mijn ouders er niet meer waren, dacht ik: nu zal ik wel nooit meer op het Kalf komen. Het Kalf in Zaandam naast de Wijdewormer, daar waar het zo lekker ruikt, naar de Zaan, naar de bomen, naar de binnenmeertjes en riviertjes, waar de mooie huisjes staan. En elke keer als ik er nog was, om het huisje leeg te ruimen, om naar de begrafenis te gaan, om al die regeldingen en afscheid, dacht ik: goed kijken, dit is de laatste keer…….

Maar nee, ik kom er nu heel vaak, een tocht van ongeveer een half uur tot een uur op de fiets, hangt van de wind af en mijn conditie. Dan fiets ik naar mijn jongste Suikerhartje, omdat ze me uitnodigt voor de koffie, een spelletje te doen, of iets te ondernemen. Zo leuk! Ze heeft een heel gezellig huisje en ze heeft altijd alles zo netjes aan kant, wat ben ik trots op haar. Ze heeft altijd wat lekkers voor me, een heerlijk broodje of een kom vers fruit.

Wat ben ik graag bij haar, daar fiets ik zelfs voor door de storm en regen.

Braakdijk het Kalf, deel van het huis van van bakker Pelk, later het huis van een kunstenaar. De brug is weg, dus over de noodbrug. Het was erg donker weer, maar zie je die mooie lucht?

Trudy.

Muiderpoortstation.

Het Amsterdamse Muiderpoortstation is een spoorwegstation aan het Oosterspoorplein bij het viaduct Insulindeweg / Wijttenbachstraat in Amsterdam-Oost. Het vorkstation ligt aan de splitsing van de spoorlijnen Amsterdam – Utrecht (Rhijnspoorweg) en Amsterdam – Amersfoort (Oosterspoorweg) Het is gebouwd onder leiding van architect H.G.J. Schelling. Het station werd op 15 oktober 1939 geopend, ter vervanging van de uit 1896 daterende laaggelegen halte Muiderpoort. Door dit station, werden veel overwegen overbodig, men heeft alles opgehoogd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog fungeerde het station als instapplaats voor joden die vanuit het verzamelpunt Hollandsche Schouwburg naar kamp Westerbork werden weggevoerd. Een plaquette op het Oosterspoorplein herinnert hieraan.

Omdat het al een poosje geleden was dat hier was heb ik dit, de mooie schilderwerken, gemist, ik moet nog uitzoeken wie het maakten en ter gelegenheid waarvan, maar wilde het toch graag met jullie delen, het is een selectie omdat mijn trein al kwam. Niet scherp, met de mobiel, maar ik wil het zo graag delen, ik werd er zo blij van, op een station met zo een beladen geschiedenis.

Trudy.

Bron: deel van de tekst, I love Amsterdam.

Jadinda kind van de bergen deel 10

Jadinda kind van de bergen deel 10

Ze hadden de nacht in de auto doorgebracht. Vader had het gezellig gemaakt met lekker drinken en rijst gehaald bij een knus restaurant, ze konden er niet zitten, afhalen was goedkoper geweest, maar het smaakte er niet minder om.

Vader had stukje bij beetje het verhaal verteld. Hij had sinds de machtswisseling in hun eigen land geld gespaard, verdiend met zijn koffieplantjes, zijn groenten en aardappels, verdiend met zijn droogoventje, hij had veel mensen voorzien van zakjes zaden en gedroogde groenten, met zijn houtsnijwerk en het aanbieden van diensten. Het geld, het grootste deel er van had hij jarenlang naar zijn broer gestuurd, de helft mocht broer houden en de andere helft zou vader komen ophalen in geval van nood, zoals nu. Van dat geld had vader graag iets gehuurd om in te wonen en om iets voor zichzelf te beginnen, om veilig te zijn in deze harde wereld, niet op te vallen, je zelf te kunnen bedruipen. Maar, en terwijl vader begon aan dit stuk van het verhaal, kwamen de tranen in zijn ogen, zijn broer had elke keer een beetje te veel van het geld afgehaald, meer dan de helft en broer had elke keer gedacht, ik vul het tekort weer aan, maar ook in de stad waar broer woonde werd het slecht, werk was er te kort en ziektekosten waren enorm gestegen, de huur van zijn huisje ging omhoog, de levenskosten verder onbetaalbaar en op een dag, was al het geld op, een heel bedrag en alles wat nieuw gestuurd werd, gebruikte hij dadelijk. Broer had gehoopt dat hij het op de dag dat vader terug zou komen het hele bedrag weer bijeen gespaard had, broer had bijna vader niet durven aankijken, want broer biechtte ook op dat er ook drank van het geld was gehaald.

Ze waren goed uit elkaar gegaan, maar wel erg verdrietig, twee mensen in nood, vader had beloofd zijn broer te helpen zodra het hem beter ging en broer had een pakje oploskoffie in vaders hand gestopt, het enige dat hij nog in huis had……..

 

Trudy Den Herder

Deel 1 t/m 9